![]() |
Biografie : Marc Verhaegen zag voor het eerst het levenslicht op 5 april 1957 in Mortsel, een plaats in de buurt van Kontich waar hij de eerste jaren van zijn leven heeft gewoond. Zijn eerste schreden op het gebied van de strip zette hij in de jaren tachtig toen hij een opleiding volgde aan het "St. Lucas", een school voor grafische sierkunsten te Brussel-Schaarbeek. Tijdens die studie tekende hij diverse undergroundstrips, waar hij tegenwoordig overigens niet meer zo erg tevreden over is. Een verhaal uit die periode dat nog wel zijn goedkeuring kan wegdragen is Cycloman, een strip over de wielrennerij. Bij het tekenen van die undergroundstrips maakte Marc gebruik van het Pseudoniem (Stan) Marver. Onder die naam zijn, naast Cycloman, ook een aantal verhalen verschenen over een figuur met de naam "Fil Marver". (De ongrijpbare Fil Marver, Blikschade, The one and only Fil Marver) Op het "St. Lucas" koos Marc voor de specialisatie animatiefilm. Na het behalen van zijn diploma ging hij ook aan het werk als animator. Hij werkt mee aan aan verschillende projekten, waaronder het programma De Wonderwinkel van de BRT en korte animatiefilmpjes voor Sesamstraat. In 1987 was hij werkzaam bij "Pen Films" te Gent waar hij animatiewerk verrichtte voor de film Les mondes englouties voor het Parijse bedrijf "France Animation". Hoewel die geen klachten hadden over het werk besloten zij toch om de produktie van die film naar Frankrijk te verplaatsen. Na een paar albums staakte de Standaard Uitgeverij de publikatie van Boes. Een nieuwe opdracht voor Marc liet echter niet lang op zich wachten. Marck Meul (de schrijver van o.a. Robert en Bertrand) benaderde hem met het verzoek om een kort Suske en Wiske-verhaal te tekenen. Dit verhaaltje zou uiteindelijk worden opgenomen als een soort proloog bij een heruitgave van De schat van Beersel voor de Kredietbank. Om goed aan te sluiten bij de rest van het album moest dit verhaaltje worden uitgevoerd in de stijl die in de Blauwe reeks gebruikt werd. Het inleidende verhaal bij De schat van Beersel kwam ook Paul Geerts en Willy Vandersteen onder ogen. Zij waardeerden het werk zozeer dat Paul op een goede dag naar Marc belde met de vraag of hij er voor voelde om aan Suske en Wiske mee te werken. Daar hoefde Marc niet lang over na te denken en daarom begon hij in 1988 zijn bijdrage te leveren aan deze serie. In tegenstelling tot de eerste jaren van Paul Geerts bij Suske en Wiske begon Marc niet met het inkten van de tekeningen. Hij kreeg de taak om de blauwe tekeningen van Paul om te zetten in gedetailleerd uitgewerkte potloodtekeningen. Het eerste, korte, verhaal dat Marc geheel van een blanco vel af heeft getekend, gebaseerd op een eigen scenario is Bosspel. Dit avontuur stond in het Suske en Wiske familiestripboek van 1989. Nadat hij al diverse korte verhalen voor de familiestripboeken geheel naar eigen scenario had getekend was De krakende Carcas het eerste lange avontuur waar Marc Verhaegen de gehele verantwoordelijkheid voor draagt. Voor het Suske en Wiske weekblad begon Marc in 1996 met de reeks Calpako. Het eerste deel van die serie, Wiona, verscheen in de laatste 7 nummers van dat jaar, in 1998 gevolgd door episode 2: De Timucuabronnen. -------------------------------------------------------------------------------- In album verschenen undergroundstrips van Marc Verhaegen |
Bron: Suske en Wiske: 50 jaar/Peter Van Hooydonck, Standaard Uitgeverij 1995 - ISBN 90 02 19628 8
Het grote Marc Verhagen interview / Klaas Rigterink.
Boxtel : De Fameuze Fanclub, 1993. - (Versus ; nr. 22, pp. 21-25 ; 23, pp. 21-23 ; 24, pp. 28-31)
© Suske en Wiske-beeldmerk en illustratie: Standaard Uitgeverij
